(Wei-)land met contrasten

Op zondag 13 november presenteren mijn vriendin en ondergetekende een boek over de ziel van de Zaanstreek, genaamd Pluut! Op deze plek geef ik af en toe iets prijs van de tekst. Vandaag deel 3.

(Pluut! is overigens vanaf 14 november voor het luttele bedrag van €11,- verkrijgbaar via Stichting Uitgeverij Noord-Holland en de Zaanse boekhandels. ISBN 978-90-9026311-3. Of maak €11,- over op bankrekening 70.80.04.326 o.v.v. ‘Pluut!’ en onmiddellijk na de boekpresentatie wordt de publicatie toegezonden. Vermeld svp wel even je NAW-gegevens.)

De Zaanstreek is een gebied van contrasten. Van hoogte en diepte, al duizend jaar lang. Het begon met het opwerpen van heuvels en terpen. Het afgraven van het veen. Het bouwen van molens, die met hun wieken richting de hemel priemden. (De Italiaanse schrijver Edmondo de Amicis beschreef ze in 1873 als ‘een warrelende beweging als van talloze scheepsmasten die door de storm op en neer werden geslingerd en beurtelings onderduiken en bovenkomen’). Land werd (recreatie-)water en het gewonnen zand ging weer over land, om er het Coenwegviaduct op te bouwen. Nog hoger ging het, want de molens maakten plaats voor immense fabriekswanden, pakhuizen en flats van veertien verdiepingen. Maar het hart van de Zaanstreek bleef laag.

Dat was zo en dat blijft zo. Het door huizen omsingelde groene Guisveld, midden in Zaanstad, is inmiddels erkend natuurgebied. Het lag al ver onder ANP, maar zakt door corrosie steeds verder weg. Net als de rest van het veenpakket waarop de Zaans-groene huisjes rusten.

Absoluut Zaans dieptepunt was overigens het gat van Wormer. Eigenlijk waren het er drie. De twee die in 1959 werden ontdekt op de landerijen van de boeren Jongert en Grevert en de kuil die veehouder Dokter zestien jaar later aantrof tussen zijn grazende koeien. De mysterieuze gaten in de weilanden varieerden van drie tot vele tientallen meters diepte. Ondanks diepgaand onderzoek door onder meer het ministerie van Defensie (de trap van de Spoetnik! Russische raketten!) en allerlei archeologen (oude waterputten!) is het raadsel van de plotseling vallende gaten vooralsnog onopgelost. Een hoogtepunt kent Wormer ook: een honderd meter hoge zendmast.

Nog meer tegenstellingen: de Zaanstreek is zowel stads als dorps. Ze waren hier vanouds hartstikke rood en republikeins, maar zo ongeveer alle bruggen over de Zaan zijn vernoemd naar leden van het koningshuis. Pacifistisch, socialistisch en anarchistisch, maar wel een eeuw lang gastheer van Nederlands grootste wapen- en munitiefabriek. Uiterst tolerant en verdraagzaam, maar volop ruimte biedend aan twee immense bajesboten voor buitenlanders zonder geldige verblijfsdocumenten.

Dit was tevens het meest heidense gebied van het land, maar alleen al langs de Westzijde stonden ruim 25 kerken. Past wel bij de dwarse geest die je hier nogal eens aantreft. Want als ’ie al wat heeft met religie, dan wel graag zijn eigen religie. Met het bijbehorende gebedshuis. Maar vaak zonder toren, dat dan weer wel. Want luiden mocht niet in de oude tijd, dus wat was dan het nut van een klokkentoren?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.