De liefde van Arjan Peters voor Arjan Peters

Volkskrant-recensent Arjan Peters mocht John Cleese interviewen. Het resultaat staat in de Volkskrant-bijlage (met de merkwaardige naam Sir Edmund) van 25 oktober. Halverwege het vraaggesprek zegt John Cleese: “Soms denk ik: mensen zullen me misschien iets willen vragen, iets wat niemand anders me heeft gevraagd. Maar nee, altijd praten ze over zichzelf.” Rake constatering.

In de eerste vier zinnen van Peters’ artikel komt vier keer het woord ‘ik’ voor. En twee keer ‘me’. In regel 5 noteert Peters ‘dat we elkaar recht in de ogen kijken’. Het moet voor John Cleese een hele eer zijn geweest om met Arjan Peters te mogen praten. Geen wonder dat de laatste zichzelf via de Britse komiek mag feliciteren. Peters heeft namelijk – ongetwijfeld als enige – geconstateerd dat in de autobiografie van Cleese ‘voorbeelden’ staan uit de jaren ’60 die ‘buitengewoon leuk’ zijn. Cleese: “De Britse pers is het niet opgevallen dat het hier en daar leuk bedoeld is.” Bonuspuntje voor de toch al geniale Arjan Peters. Aldus Arjan Peters.

Even verderop in Sir Edmund kan Arjan Peters het gelukkig nog een keer over zichzelf hebben, als hij het magum opus van Thomas Mann bespreekt (dat hij overigens niet heeft gelezen). Zijn slotzin: “Zo had ik mij, druk in gesprek met mijzelf, ongemerkt aan de leesplicht onttrokken.” Eenmaal ik, eenmaal mij, eenmaal mijzelf. In één zin.  

Volgende week in Sir Edmund de apotheose: de onovertroffen Arjan Peters interviewt meester-filosoof en topauteur Arjan Peters.

Peters

0 reacties op “De liefde van Arjan Peters voor Arjan Peters”

    1. Hoi Marijke,
      Op zich niet, maar het viel me onlangs op dat hij zichzelf wel erg vaak opvoert in interviews, en vaak als slim jongetje.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *