De slag om de boeren in 1962 en 2022

De PVV en het FvD concurreren met de steeds populairder BoerBurgerBeweging van Caroline van der Plas. Een beetje zoals de Nieuw-Democratische Partij van Max Lewin zestig jaar geleden de strijd om de rechtse kiezer aanging met de onstuimig groeiende Boerenpartij van Hendrik Koekoek. Ter geruststelling: zowel de NDP als de Boerenpartij ging aan ruzies ten onder. Publicatie van een fragment uit mijn boek Averechts. Het verwarrende leven van radiopionier, politicus en en spion Max Lewin (1919-2011).

Max Lewin op het Binnenhof.

Aan zelfvertrouwen geen gebrek bij de Nieuw-Democratische Partij. Drie dagen na de officiële aftrap, zo meldde het Algemeen Handelsblad op gezag van vicevoorzitter Tolsma, hadden de PvdA, VVD en ARP hun politiek al aangepast. ‘Al zou de NDP verder niets meer doen, dan heeft zij hierdoor toch al waarde gehad.’ Tolsma was een partijhopper die als volgeling van boer Koekoek en als VVD-lid enige naamsbekendheid had opgebouwd. Omdat hij, beter dan de zacht sprekende en weinig charismatisch overkomende Max Lewin, een vlot verhaal kon afsteken, mocht hij tijdens de allereerste openbare NDP-vergadering de inleiding voor zijn rekening nemen. ‘De ondergang van de politieke partijen’, luidde het thema. De gehoopte, zo niet verwachte Werdegang van de concurrentie kwam aan bod in Ede, zowel Tolsma’s woonplaats als het boerenbolwerk waar de populaire Hendrik Koekoek dat jaar een raadszetel wist te veroveren.

Na wat inleidende, ‘welgekozen woorden’ (Arnhems Dagblad) van Max opende Hielke Tolsma in het volle achterzaaltje van hotel Buitenzorg frontaal de aanval op het bestaande politieke klimaat. Zijn wisecracks en boude stellingen sloegen niet aan. Door zich te beroepen op relaties met grootheden als Churchill (‘heb ik een groot meningsverschil mee gehad’), Kennedy en De Gaulle (‘reuzevent’) kreeg het verhaal van de vice-voorzitter steeds meer het karakter van een klucht. ‘De beide andere bestuursleden, voorzitter Lewin en secretaris Heiërman, lieten zich tenslotte meeslepen door de algemene hilariteit en lachten wat zuur mee’, registreerde een journalist.

Max Lewin en Hielke Tolsma tijdens de oprichtingsvergadering van de Nieuw-Democratische Partij, oktober 1962.

‘”Wij zijn tegen…”, is een sterke kant van deze partij.’

Dagblad Trouw

Ondanks deze valse start zette de NDP door. In november 1962 liet ze zich bij de Kiesraad inschrijven om te kunnen deelnemen aan de Kamerverkiezingen van een half jaar later. Max, die de gave van ondergeschiktheid ontbeerde, werd uiteraard lijsttrekker. De tandem Lewin-Heiërman belegde een persconferentie om uit te leggen dat ze in het parlement niet alleen de NDP-ideeën, maar ook die van de Bond van Belastingbetalers zouden uitdragen. ‘”Wij zijn tegen…”, is een sterke kant van deze partij’, concludeerde dagblad Trouw na afloop. De Volkskrant, eveneens present: ‘Na enig aandringen van de aanwezige journalisten kon de heer Lewin ook een punt noemen, waar zijn partij vóór was: een rationele en zakelijker basis voor de woningbouw zonder overheidsbemoeienis.’ In de optiek van veel media was er een contrabeweging geboren.

Tini Wijnen

Misschien had de NDP een plek op het Binnenhof kunnen veroveren als er minder belemmeringen hadden bestaan. Veelbelovend was dat in alle achttien kieskringen voldoende handtekeningen werden verzameld om aan de stembusstrijd te kunnen meedoen. De Europees kampioen biljarten Tini Wijnen bleek bereid om als stemmenmagneet op de kandidatenlijst te gaan staan. De media besteedden bovendien vrij veel aandacht aan de NDP en haar aanvoerder, die – zoals Het Vrije Volk treffend samenvatte – ‘met zijn staatkundige escapades van de laatste jaren velen een glimlach afdwong’. Maar daarmee hield de voorspoed wel op.

Tini Wijnen (Wikimedia).

Allereerst was er de harde concurrentiestrijd met de Boerenpartij. Beide partijen richtten zich op dezelfde conservatieve, anti-etatistische kiezer. De populistische boodschap van de aimabel overkomende boer Koekoek sloeg echter veel beter aan dan de zelfpromotie van Hielke Tolsma, het beoogde NDP-stemmenkanon. Een andere, zelf opgeworpen handicap vormde het eigen reclamemateriaal. De allereerste keer in de parlementaire geschiedenis dat partijen tv-zendtijd kregen leverde de NDP veel reacties op. ‘Ons verkiezingsspotje voor de televisie wordt zó dat alle kranten erover zullen schrijven’, had Max accuraat voorspeld. Wat hij niet voorzag was dat de bladen er gehakt van maakten. De gewaagde, tien minuten durende commercial (waarin Tini Wijnen biljartend pleitte voor meer sporthallen, een goochelaar met geld en kaarten manipuleerde en Max verrassend afsloot met de slogan ‘Vrienden van Veronica, kies Lewin, lijst 13’) riep louter hoon op. ‘Een verbluffende demonstratie van geestelijke onvolwassenheid’, recenseerde de Leeuwarder Courant. De Volkskrant: ‘Als de uitzending toch enig nut heeft gehad, dan kan dat enkel zijn dat een Nieuw-Democratische Partij nu alleen nog maar stemmen zou krijgen van mensen die, wat hun politieke scholing betreft, zelfs niet aan lezen en schrijven toe zijn.’ Het Algemeen Dagblad wijdde zelfs een lang hoofdredactioneel commentaar aan de uitzending. De eindconclusie: ‘Wij hopen dat veel kijkers zich met ons gisteravond niet alleen verbijsterd zullen voelen – maar ook beledigd.’ Met ingezonden brieven probeerde Max de averij te herstellen en duidelijk te maken dat de NDP had gepoogd om de valse beloften van andere partijen te parodiëren.

Bull Verweij

Toen Veronica-directeur Bull Verweij, toch al allergisch voor politiek, vernam dat Lewin in het tv-programma en op verkiezingsborden Radio Veronica gebruikte om kiezers te winnen slaakte hij een vloek. Op alle mogelijke manieren distantieerde zijn omroep zich vervolgens van de NDP. Max reageerde luchtig, zij het ietwat opportunistisch: ‘Iemand die zo verstandig is te luisteren naar Radio Veronica moet ook zo verstandig zijn op Lewin te stemmen.’ 

BVD-directeur Sinninghe Damsté achtte het raadzaam de minister van Justitie te informeren over de mensen achter Jong Europa, ‘waarvan enkele afkomstig zijn uit een psychopathenasyl’.

Schadebeperking was ook op een ander vlak noodzakelijk. Wellicht aangetrokken door Max’ beschouwingen over de Derde Wereld (‘In de opkomst van de zwarte en gele volkeren zien we een bedreiging van Europa. Het zou niet de eerste keer zijn dat ze ons overspoelen, en we mogen blij zijn dat Rusland ertussen zit.’) had Tijmon Balk zich aangemeld als NDP-lid. Max en zijn partijgenoten wisten niet dat deze Groningse artsenbezoeker een rabiate NSB’er was geweest en om die reden na de bevrijding tien jaar lang zijn burgerrechten kwijtraakte. Ondanks deze veroordeling had hij het radicalisme niet afgezworen. Als Nederlands leider van de internationale organisatie Jong Europa propageerde hij in de jaren zestig het fascistisch gedachtegoed. ‘Aan de gebruikte benamingen en termen (Dietse gouwen, volkse orde), symbolen (Keltisch kruis, runetekens) en rangen (Kommando’s) kan men merken uit welke hoek de wind waait’, meldde de Marine Inlichtingendienst een paar maanden voor de verkiezingen in een inlichtingenrapport. Kort daarvoor repte de Binnenlandse Veiligheidsdienst al in een vertrouwelijk maandbericht over ‘het rechts-extremistische en fascistische karakter van deze organisatie’. BVD-directeur Sinninghe Damsté achtte het raadzaam de minister van Justitie te informeren over de mensen achter Jong Europa, ‘waarvan enkele afkomstig zijn uit een psychopathenasyl’. Anders dan een aantal van zijn clubgenoten, die er niet voor terugdeinsden om de Hitlergroet te brengen en antisemitische leuzen te scanderen, deed Tijmon Balk zich volgens het diensthoofd voor als een relatief gematigd man. ‘Hij toonde zich ontstemd toen een Belg op een Jong Europa-vergadering in Utrecht verscheen in een nazi-achtig aandoend uniform. Balk had de man toegevoegd dat “wij hier in Holland dat nazi-gedoe niet dulden”.’

Oud-NSB’er

Onwetend van dit alles plaatste de NDP Tijmon Balk op de kandidatenlijst. De Groninger moest zich daarvoor wel intern verantwoorden. Tijdens een drukbezochte vergadering van Jong Europa kreeg hij de vraag voorgelegd hoe hij zich ‘als oud-NSB’er als kandidaat voor de Tweede Kamer heeft kunnen plaatsen op een lijst die door een jood wordt aangevoerd’. Balks verweer was niet sterk: men moest hem niet ‘zien als een antisemiet en voorts, dat hij zich niet als kandidaat voor de Nieuw-Democratische partij heeft aangeboden, doch dat men hem als zodanig heeft gevraagd’. Toen enkele kranten lucht kregen van zijn dubieuze verleden verdedigde Max hem: ‘Ik weet dat die man te vertrouwen is.’ Zoals hij het tijdens zijn mulotijd de gebroeders Lemoine vergaf dat ze zich aansloten bij de Nationale Jeugdstorm, zo accepteerde hij nu Balks misstappen. Aan de Volkskrant schreef hij in diens ‘jeugdzonde’ geen enkele reden te zien om hem niet te kandideren. Volgens een andere Jong Europa-leider, A.J.M. Lehmann, ging de NDP-belangstelling voor zijn organisatie zelfs verder dan Balk alleen: ‘Ja, die willen wel met ons samenwerken.’

Max Lewin in 1966 bij de Noodraad van de Boerenpartij, waar hij na eerdere politieke debacles naar zou overstappen (Nationaal Archief).

Lehmann blufte niet. Max deed zijn best om aan de uiterste rechterkant van het politieke firmament aanhang te werven. De BVD registreerde dat hij in maart 1963 minstens drie ‘oud-politieke delinquenten’ had benaderd om de aanhang van hun nazistische clubjes te vragen bij de Kamerverkiezingen op de NDP te stemmen. Zijn inspanningen waren tevergeefs. In een rapport aan premier De Quay meldde BVD-hoofd Sinninghe Damsté enkele weken nadien: ‘Naast hun huiver om zich met politiek in te laten, geldt voor hen nog de overweging dat Lewin een Jood is, over wiens motieven om deze huns inziens tot mislukking gedoemde verkiezingscampagne te willen doorzetten zij bovendien in het duister tasten.’

‘Als we één zetel krijgen, dan zal het hard meevallen’

(Max Lewin)

‘Als we één zetel krijgen, dan zal het hard meevallen’, voorspelde Max een week voor de verkiezingen. Hij verwachtte niets en werd niet teleurgesteld. De Nieuw-Democratische Partij bleef steken op dertienduizend stemmen, minder dan een derde van hetgeen nodig was om de kiesdrempel te slechten. De Boerenpartij daarentegen mocht met drie kandidaten het parlement betreden. In zijn woonplaats stemden 22 mensen op Max. Tevreden concludeerde de Binnenlandse Veiligheidsdienst in een vertrouwelijk ambtsbericht dat de NDP ‘met recht een splinterpartij bleek te zijn’.


Waardeer dit artikel

De content op deze website is in en uit principe gratis, maar het maken ervan kost wel geld. Vond je het de moeite waard? Laat het blijken met een kleine bijdrage en help bij het mogelijk maken van onafhankelijke artikelen.

ValutaBedrag





Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.